Verplichte arbeidsongeschiktheidverzekering zzp’ers

Op 4 juli 2020 stemde de achterban van de FNV in met het pensioenakkoord dat gesloten is tussen het kabinet, de werkgeversorganisaties en de werknemersorganisaties. Een van de afspraken die in het pensioenakkoord zijn opgenomen is de verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zzp’ers. Het doel van deze verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering is om de situatie voor mensen in loondienst, allen verplicht verzekerd tegen arbeidsongeschiktheid, gelijk te trekken met die van de snel groeiende groep zzp’ers, zodat zij bij arbeidsongeschiktheid geen beroep op de samenleving (in de vorm van een bijstandsuitkering) hoeven te doen.
Het is lastig om zo’n verplichte verzekering op te leggen aan zzp’ers omdat deze groep heel divers is. Bovendien zien veel zzp’ers zo’n verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering als een beperking in hun vrijheid van ondernemen. Om aan de diversiteit van de groep tegemoet te komen zijn in de verplichte verzekering een aantal keuzemogelijkheden opgenomen.


Zo kan er gekozen worden voor verschillende periodes van eigen risico (de zogenaamde wachttijd): 6 maanden, 12 maanden of 24 maanden. Dit heeft consequenties voor de hoogte van de premie. Ook is er een opt-outregeling opgenomen. Dit houdt in dat een zzp’er ervoor kan kiezen om de verzekering te laten verlopen via een private verzekeringsmaatschappij in plaats van de overheid.
Uniform voor iedere verzekerde is wel dat de Belastingdienst de premie gaat innen en het UWV voor de uitkeringen gaat zorgen. De uitkering zal 143% van het wettelijk minimumloon (WML) gaan bedragen.


Intussen hebben de Belastingdienst en het UWV aangegeven zich ernstig zorgen te maken over de uitvoering van deze publieke verzekering voor zzp’ers.
Enkele bezwaren van de Belastingdienst en het UWV zijn:


• de automatiseringssystemen van de Belastingdienst zijn niet voorbereid op de inning van premies met verschillende hoogten i.v.m. verschillende periodes van eigen risico;
• het is nog niet helder aan welke criteria een zzp’er moet voldoen om te maken te krijgen met deze verplichte verzekering (wat gebeurt er met mensen die naast een eigen bedrijf nog een loondienstverband hebben, wat als er een personeelslid wordt aangenomen en binnen een paar maanden het personeelslid weer verdwijnt?);
• er bestaat onduidelijkheid over de situatie van zzp’ers na hun 60ste jaar: private verzekeraars bieden tot die leeftijd een arbeidsongeschiktheidsverzekering aan, waarbij de vraag is of zzp’ers wel of niet na hun 60e verplicht verzekerd zijn via de publieke verzekering ;
• er is nog niets besloten over hoe de hele re-integratie gaat verlopen als een zzp’er ziek wordt en de eisen die aan re-integratie worden gesteld.


Er is dus nog veel werk aan de winkel voor minister Koolmees van Sociale Zaken. Hij wil voor eind 2020 met nieuwe voorstellen komen. Wordt vervolgd.

Bekijk meer nieuws